Voorpagina

     De Tuin
        -- Fotogalerie
        -- Geschiedenis
        -- Vruchtentuin
        -- Plattegrond met Bomenlijst in PDF

     Kunst in de Galerie

     Over de Stichting

     Openstelling

     Koken voor de Keuken

     Route

     Contact en Links

 

 

 


De Vruchtentuin

Buitenplaats Welgelegen werd in 1897 aangekocht door de in Huize Alpha wonende weduwe VerLoren van Themaat- Kronenberg. De nieuwe eigenaresse gaf aan Welgelegen de naam en functie van Overtuin.  Dochter Elize (Lieske) Henriëtte Adelaïde gaat op Welgelegen wonen, dochter Anna Dorothea Joanna woont met zus Ida Judith op Huize Alpha. Dora was de eerste beroepsfruitkweekster in Nederland.
Ze begon een eigen fruitkwekerij samen met haar zuster die een opleiding had gevolgd aan de middelbare tuinbouwschool in Wageningen. De dames volgden een praktijk opleiding in Zeeland. Met de benodigde kennis, aangevuld door cursussen in Parijs, startten ze in 1908 in Warken op het goed Bruninksweerd. In 1911 is de oudere zuster getrouwd en zette Dora het werk alleen voort.

Deze vruchtentuin is aangelegd door de zusters A.D.J. VerLoren van Themaat (eigenaresse) en A.C. VerLoren van Themaat. De aanleg is omstreeks 1905-1908 uitgevoerd met zelf geënt plantgoed, mede als proef voor de latere aanleg van fruitkwekerij ‘de Bruninksweerd’ achter het Veldese bos te Warnsveld.

Na het overlijden Na het overlijden van mejuffrouw Dora is de boomgaard vererfd aan mevrouw A.C. Kronenberg geb. VerLoren van Themaat. Jhr. Ir. J.Ph. Laman trip, die Huize Alpha had geërfd, kreeg de vruchtentuin om niet in gebruik in 1977. Mevrouw Kronenberg, die later op Huize Alpha kwam te wonen, had de wens de vruchtentuin te behouden als een overtuin voor Huize Alpha, nu de oorspronkelijke Overtuin niet meer bij het huis hoorde.

Later is door de Stichting Warnsveldse Monumenten de vruchtentuin aangekocht, om te voldoen aan de voorwaarden van de Stichting tot Behoud van Particuliere Historische Buitenplaatsen. Voor ondersteunende onderhoudssubsidie was namelijk een totale grootte van de historische aanleg van minimaal 1 ha vereist. De wijze van gebruik door Jr. Ir. J.Ph. Laman Trip is op de oude voet gecontinueerd.

Om de boomgaard te beschermen tegen ongewenste indringers die de vruchten gappen was deze omgeven door schuttingen aan de noord en oost zijde, een meidoornhaag aan de westzijde en een hek aan het Bongerspad, dat later is overgroeid door hop en klimop en goed ondoordringbaar is geworden. Een bijzonderheid is, dat voor de schuttingpalen acaciahout is gebruikt, waarvoor juffrouw Dora een boom uit haar eigen bos heeft laten verzagen. Dit gebruik van duurzaam Nederlands hout wordt nu in deze tijd weer gepropageerd. De meidoornhaag moest worden onderhouden door ‘t Graffel, dat de wei ernaast bezat en moest zorgen dat de koeien niet in de tuin kwamen, aldus de heer Jansen van ‘t Graffel. De ingang van de tuin werd gevormd door een houten hek in de schutting aan de noordzijde, nu geheel overgroeid met hulstheesters van een bijzondere soort met gele (oranje) bessen.

De Stichting PHB bleek niet mee te kunnen werken aan een plan voor de vernieuwing van de vruchtentuin. Om toch iets te doen werden een paar boompjes aangeplant. Het betreft drie exemplaren van een zeldzaam nieuw appelras de ‘Tukker’, uit liefhebberij gewonnen door N. Hubbeling uit Wageningen. Dit ras is in Engeland goedgekeurd en daarna volgens de procedure voor nieuwe rassen in het Nederlandse rassenregister opgenomen, maar (nog) niet in de rassenlijst die voor de fruitteelt is bedoeld. Ook staat er een ‘Streepjesappel’, een uitstervend ras dat niet in de rassenlijst voorkomt omdat de appel niet houdbaar is.
Het plan is om in 2001 het assortiment uit te breiden met een ander zeldzaam appelras, de ‘IJsselpronk’, dat destijds door mej. A.D.J. VerLoren van Themaat is ontwikkeld, afkomstig van een boerderij in Warken. De hierboven genoemde appelrassen zijn alledrie opgenomen in de museumverzameling van fruitrassen in Doesburg.